Lambertuskerk Rotterdam - Kralingen

Sacramenten


Voor toediening sacramenten aan jongeren deze pagina.

Door middel van de sacramenten – zoals de Eucharistie, de doop of de priesterwijding – geeft Christus de gelovigen de mogelijkheid tot gemeenschap met Hem: sacramenten zijn zichtbare tekens van een onzichtbare werkelijkheid.
In die tekens kunnen we de helende, verzoenende, nabije, versterkende en liefdewekkende aanwezigheid van God ervaren. Door de sacramenten werkt God dus in de wereld en in de tijd.

Zeven sacramenten

De katholieke kerk kent zeven sacramenten. Drie ervan staan aan de basis van het hele christelijk leven: we worden herboren door het doopsel, gesterkt door het vormsel en telkens opnieuw gevoed door de eucharistie. Deze worden de zogenaamde initiatie sacramenten genoemd.

In de federatie RRM is er een gezamenlijke catechese basiscursus katholiek geloven voor volwassenen:

- mensen die katholiek willen worden;

- katholieken die wel gedoopt zijn maar nog geen andere sacramenten (Vormsel, Communie) hebben ontvangen;

- katholieken die zich graag systematisch in hun geloof willen verdiepen.

Ieder voorjaar start er een nieuwe Basiscursus katholiek geloven. Nieuwe aanmeldingen voor de eerstvolgende groep moeten uiterlijk twee weken vóór Aswoensdag binnen zijn.

Twee sacramenten zijn door Christus ingesteld omdat het christelijk leven aangetast kan worden door de zonde of door de zwakheid van het lichaam. Met het sacrament van boete en verzoening en dat van de ziekenzalving, werkt Christus zelf als genezer van ziel en lichaam.

Tot slot zijn er twee sacramenten die ten dienste staan van heel de kerkelijke gemeenschap en de zending van de kerk: het zijn het wijdingssacrament (bisschop, priester, diaken) en het huwelijk.

Het bisdom Rotterdam heeft informatieve boekjes uitgegeven die u achter in de kerk kunt vinden en meenemen. Op deze website zijn deze te lezen en eventueel te downloaden. Lees hier verder

Doopsel

Dopen betekent onderdompelen. Wie wordt gedoopt, wordt symbolisch met Christus ondergedompeld in zijn dood om met Hem te verrijzen. Het doopsel is het eerste sacrament dat een mens ontvangt. Het maakt ons tot kind van God en neemt ons op in de gemeenschap van de Kerk. Iedere keer wanneer wij bij het binnenkomen van het kerkgebouw onze vingers in het wijwatervat dopen en een kruisteken maken, denken we terug aan onze eigen doopsel.

Wie dient het doopsel toe

Het doopsel wordt toegediend door een priester of diaken door het hoofd van de dopeling drie keer te begieten met water en daarbij de woorden uit te spreken: "Ik doop u in de naam van de Vader, de Zoon en de heilige Geest".
In geval van nood mag iedereen het doopsel toedienen, op voorwaarde dat hij of zij de intentie heeft te doen wat de Kerk doet.

Wie mag gedoopt worden

Om gedoopt te worden moet een volwassene gelovig zijn. Voor de doop van een pasgeborene verlangt de Kerk dat de vraag om gedoopt te worden komt van degenen die het kind in geloof willen opvoeden. De kinderdoop wordt door de katholieke Kerk aangeraden omdat ook pasgeborenen behoefte hebben aan het heil dat Christus biedt.

Lees hier verder over het toedienen van het doopsel in de Lambertuskerk....

Vormsel

Terwijl het sacrament van het doopsel de dopeling verenigt met de dood en verrijzenis (het Pasen) van Christus, wordt de kandidaat met het sacrament van het vormsel versterkt met de gave van Pinksteren, de heilige Geest.
Het vormsel voltooit dus het doopsel en schenkt de gave van de heilige Geest. Net zoals de leerlingen met Pinksteren worden uitgezonden om de Blijde Boodschap te verkondigen, wordt de vormeling nu een 'gezondene'.
Met het vormsel krijgt hij of zij de kracht om in de wereld met woord en daad te getuigen van Gods liefde.

Bij het vormsel legt de bisschop (of in uitzonderlijke gevallen een gedelegeerd priester) de vormeling de hand op en zalft hij diens voorhoofd met olie (chrisma). De bisschop spreekt daarbij de woorden: "Ontvang het zegel van de heilige Geest, de gave Gods". De olie is eerder dat jaar, in de week vóór Pasen, de Goede Week op de vooravond van Witte donderdag door de bisschop is gewijd.

Lees hier verder over de toediening van het vormsel vanuit de Lambertuskerk...
 

Eucharistie

Wat is de Eucharistie? Zij is het sacrament waarin Christus zijn lichaam en zijn bloed, dus heel zichzelf, aan de kerk geeft. Onder de gedaanten van brood en wijn komt Hij werkelijk aanwezig. Allen die Hem ontvangen, ontvangen werkelijk de verrezen Christus en worden in Hem één lichaam. De Eucharistie is dan ook de bron en het hoogtepunt van alle leven in de Kerk.
Paus Benedictus XVI schreef in zijn boek “Licht van de wereld” (ISBN: 9789 4910 42058) over het éénmakende mysterie van de Eucharistie: “Wanneer ieder van ons dezelfde Christus ontvangt, zijn we werkelijk allen in dit nieuwe, verrezen Lichaam samengebracht, als de wijde ruimte waarin de nieuwe mensheid leeft.”

Viering van de Eucharistie

In de Eucharistieviering wordt Christus verkondigd door de woorden uit de Bijbel en komt Hij aanwezig door het Eucharistisch gebed, uitgesproken door een priester. Namens Christus spreekt de priester de woorden: “Dit is mijn lichaam dat voor u gegeven wordt” en “Dit is de beker van mijn bloed dat voor u vergoten wordt” uit. Daarmee 'consacreert' (heiligt) hij het brood en de wijn.

Jezus heeft de Eucharistie ingesteld tijdens de laatste maaltijd die Hij hield met zijn leerlingen. Daarna ging Hij zijn lijden en sterven tegemoet en van de getuigen weten we dat Hij verrees op de derde dag. Door zichzelf als voedsel te geven (“Dit is mijn lichaam, dit is mijn bloed”) zegt Hij ons toe dat we delen in zijn sterven en verrijzenis. Het brood dat geconsacreerd is (de hosties) wordt uitgereikt aan de gelovigen die ter communie gaan. Wat over is wordt met respect in het tabernakel bewaard en vereerd door aanbidding. Wanneer de gelovige een rein geweten heeft, mag hij iedere dag ter communie gaan. De Kerk vraagt de gelovigen iedere zondag deel te nemen aan een Eucharistieviering, en minstens één keer per jaar, in de paastijd, de communie te ontvangen. Wie zich ervan bewust is een ernstige zonde te hebben begaan, wordt uitgenodigd het sacrament van boete en verzoening (zie hieronder) te ontvangen vóór ter communie te gaan.

Lees hier verder over de voorbereiding van communicanten en hun ouders in de Lambertuskerk...
 

Biecht of Boete en verzoening

Het sacrament van boete en verzoening wordt ook wel de biecht genoemd. Dit sacrament biedt de mogelijkheid om ons opnieuw met God te verzoenen, wat we ook gedaan hebben. Wie biecht slaat een nieuwe, blanco pagina in het boek van zijn leven op. Een zonde is iedere daad die niet past bij een kind van God en een obstakel vormt voor Gods rijk van gerechtigheid. Ook na het doopsel, dat nieuw leven geeft, blijven we vrije mensen die gebukt gaan onder de neiging kwaad te doen. In een 'gewetensonderzoek' kun je je leven de revue laten passeren en komen tot spijt over begane fouten.

Christus verleende aan priesters het gezag om in zijn naam zonden te vergeven.
“Als jullie iemand zonden vergeven, dan zijn ze vergeven” (Joh.20,23).
In het sacrament van boete en verzoening belijd je je zonden in een persoonlijk gesprek aan een priester. Deze is gehouden tot absolute geheimhouding en kan je namens Christus de 'absolutie' geven, dat wil zeggen vergeving. Hij kan je daarbij een 'penitentie' opleggen, bijvoorbeeld het aandachtig bidden van enkele gebeden of het verrichten van een goed werk.

Lees hier meer over het ontvangen van het sacrament van boete en verzoening in de Lambertuskerk...

Ziekenzalving

Christus had een bijzondere aandacht voor zieken. Hij gaf zijn leerlingen de opdracht mee zieken te genezen. Vanaf de allereerste tijd heeft het christendom zich sterk gemaakt voor zorg aan zieken en ouderen. Iedere gelovige die ziek of oud is, kan van een priester het sacrament van de ziekenzalving ontvangen.
Dit sacrament geeft troost, vrede en kracht. Het helpt de zieke om zijn toestand en lijden te verbinden met het lijden van Christus. De ziekenzalving wordt door een priester toegediend door zalving met olie op het voorhoofd en de handen. Indien gewenst kan de ziekenzalving meerdere keren toegediend worden en hoeft dus niet eenmalig te zijn.

Wacht niet te lang....

Daarom het advies om bij ouderdom en aandienende ziekte niet te lang te wachten om het sacrament toe te laten dienen. In tegendeel tot wat vroeger in de volksmond "het sacrament van de stervende" werd genoemd, wordt tegenwoordig in een vroeger stadium dit sacrament ingezet als ondersteuning voor de zieke en/of oudere mens.

Lees hier verder over toediening van de ziekenzalving vanuit de Lambertuskerk...


Huwelijk

God heeft man en vrouw voor elkaar bestemd.

Door elkaar hun liefde te geven en open te staan voor nieuw leven als vrucht van hun liefde, vormen ze een beeld van de overstromende liefde van God. Het sacrament van het huwelijk komt tot stand door een belofte van trouw van een man en een vrouw. Deze belofte wordt in het openbaar uitgesproken ten overstaan van God en van de kerkgemeenschap, die vertegenwoordigd wordt door getuigen.

De priester (of een andere persoon die door de kerk daarvoor de bevoegdheid heeft gekregen) roept Gods zegen over het paar af.

Het is niet een priester die het huwelijkssacrament toedient, maar man en vrouw dienen het elkaar toe. Het huwelijk wordt voltrokken door de lichamelijke vereniging van het nieuwe paar. Man en vrouw moeten vrij zijn van elke verplichting of dwang. Zij schenken zich aan elkaar om - tot de dood hen scheidt - een volkomen levensgemeenschap te vormen die openstaat voor het ontvangen van kinderen. Voor een huwelijk met iemand die niet katholiek is maar wel is gedoopt, is verlof nodig van de bisschop. Voor een huwelijk met iemand die niet gedoopt is, dient bij de bisschop om dispensatie gevraagd te worden.

Lees hier verder voor de huwelijksvoorbereiding voor aanstaande bruidsparen...

 

Wijding

Wie gedoopt en gevormd is, kan in de Kerk twee speciale sacramenten ontvangen: de wijding en het huwelijk. Beide hebben gemeenschappelijk dat ze bestemd zijn voor het welzijn van anderen. Ze zijn een kanaal waardoor Gods liefde in de wereld kan komen.

Zending door handoplegging

De wijding is bedoeld voor degenen die het werk van de apostelen van Jezus voortzetten. De opdracht die Christus heeft gegeven aan zijn apostelen, is nu toevertrouwd aan bisschoppen, priesters en diakens. Zij ontvangen voor deze zending een wijding. Door de wijding (handoplegging onder het uitspreken van een wijdingsgebed) krijgt de wijdeling de gave van de heilige Geest, zodat zij hun werk voor alle gelovigen kunnen waarmaken.

Bisschoppen

Het wijdingssacrament in zijn volheid is dat van de wijding van een bisschop. Het maakt de wijdeling tot een wettige opvolger van de apostelen. Hij treedt daarmee ook toe tot het college van bisschoppen. Samen met andere bisschoppen en de paus is hij verantwoordelijk voor de gehele Kerk. De bisschop aan wie een lokale kerk is toevertrouwd is in zijn bisdom de spil van eenheid. Iedere bisschop heeft in de geloofsgemeenschap de taken van onderricht, heiliging van de gelovigen en bestuur.

Priesters

Bij een priesterwijding roept de bisschop Gods kracht af over de nieuwe priester. De priester kan in de naam van Christus en als medewerker van de bisschop het woord van God verkondigen en de sacramenten als Eucharistie, doop, biecht en ziekenzalving, toedienen.

Diakens

Bij een diakenwijding wordt de nieuwe diaken aangesteld tot een dienst binnen de geloofsgemeenschap in naam van de bisschop. Hij staat de priester bij in de eredienst, bij pastorale taken en op het gebied van de liefdadigheid. Hij kan dopen en Gods zegen afroepen over een huwelijkspaar.

Wie dient de wijdingen toe

Alle drie de wijdingen worden toegediend door bisschoppen als opvolgers van de apostelen.

Waarom worden alleen mannen gewijd

Alleen gedoopte mannen, die bekwaam bevonden worden, kunnen gewijd worden. Dat de kerk vrouwen niet wijdt heeft te maken met de keuze van Christus zelf, die alleen mannen als zijn apostelen koos.

Lees hier verder indien u meer wilt weten over de priester/diakenopleiding...

Gebed voor roepingen - download